Scouting Zeist

 
 
 

Installatie

Twee keer per jaar worden nieuwe leden geïnstalleerd. Familieleden zijn hierbij van harte welkom. Tijdens de installatie krijgen de nieuwe leden het speltak-teken, het Scouting Nederland-teken en het naambandje van de Prinses Amalia Groep opgespeld. Daarnaast ontvangen ze de oranje-witte groepsdas. Na het afleggen van de belofte zijn ze dan volwaardig Bever, Welp, Scout, Explorer, Stamlid of Oudstamlid.

Overvliegen

Wanneer het jeugdlid te oud wordt voor een bepaalde speltak, vliegt hij of zij over. De leiding van de oude speltak draagt het kind symbolisch over aan de nieuw speltak. Meestal gaan een paar kinderen tegelijk. Later volgt dan de installatie bij de nieuwe speltak.

Uniform

Wanneer wordt het uniform gedragen? Op de volgende momenten dient iedereen in compleet uniform te zijn: Gedurende de opkomsten, in het bijzonder tijdens de opening en sluiting van de opkomst.

Op het moment dat je als groep naar buiten treed. Bij uizonderlijke omstandigheden kan hier vanaf geweken worden (bijvoorbeeld bij te warm weer), dit dient dan door de leiding aangegeven te worden.

Dan nog moet altijd de groepsdas gedragen worden.

Insignes

De insignes en andere tekens geven aan wie je bent en wat je kan.

Ze dienen volgens de onderstaande indeling op de uniformblouse bevestigd te worden:

 

1. Het “Installatie teken Scouting Nederland” moet in het midden van de linkerborstzak.

2. Het “Speltakteken” moet in het midden van de rechterborstzak.

3. Het groepsnaambandje moet bovenaan op de rechtermouw, tegen de schoudernaad.

3b. De Regio Batch komt ongeveer 1 cm onder het groepsnaambandje.

4. De Nederlandse vlag hoort in het midden boven de rechterborstzak, deze moet je dragen wanneer je naar het buitenland gaat.

5. De EU vlag hoort boven de rechterborstzak aan de kant van de knoopjes, deze moet je dragen wanneer je buiten de EU komt.

6. Patrouillelinten worden bovenaan de linkermouw gedragen, deze worden met een ring bevestigd aan de epaulet. De patrouillelinten bestaan uit twee dubbelgevouwen linten, de lengte van de linten is 20 cm, zodat ze dubbelgevouwen 10 cm lang zijn.

7. Behaalde vaardigheidsinsignes moeten op de linkermouw. Stafleden dragen geen vaardigheidsinsignes.

8. Bij de Scouts is een Patrouille Leider (PL) te herkennen aan twee witte strepen op de linkerborstzak. De Assistent Patrouille Leider (APL) is te herkennen aan 1 witte streep op de linkerborstzak, geplaatst aan de kant van de knoopjes. Overige insignes:

Herkenningsnaambandjes (RSW, Zomerkamp, Waterweeekend e.d.) mogen onder de Regio Batch.

Activiteiteninsignes (HIT, Jamboree, enz.) worden boven de linkerborstzak geplaatst.

Stafleden die succesvol een cursus hebben afgerond, mogen in het midden boven de Nederlandse vlag een teken van bevoegdheid aanbrengen.

Het nestdriehoekje bij de welpen wordt op de rechtermouw gedragen.